Grijskruid

Wit is wit, toch? Bloeiend Grijskruid zegt iets anders in mijn beleving. Sneeuwwit kom je als omschrijving tegen. Misschien komt maagdelijke sneeuw in de richting. Ik vind de bloemkleur prachtig. De naam Grijskruid komt niet van de bloem. De andere plantendelen zijn grijs behaard. Vandaar de naam. De karakteristieke bloemen en vruchten maken hem tot gemakkelijkst te herkennen soort in de familie van kruisbloemigen.
De kruisbloem familie is groot en blinkt uit door z’n eenvormigheid. Voor mij springt dan de kruiselingse viertalligheid eruit. Vier kelkbladen en vier kroonbladen zeggen meestal genoeg. Om binnen de familie soorten op naam te brengen is een ander verhaal. De vele geel bloeiende soorten, waarvan Raapzaad tegenwoordig massaal voorkomt in bermen, zijn lastig van elkaar te onderscheiden. De bloemen zijn aantrekkelijk voor vlinders en bijen en witjes gebruiken Grijskruid als waardplant. Onze koolsoorten zitten dan ook in dezelfde familie.
Molenbloem werd hij ook wel genoemd en dat zegt iets over de herkomst. Grijskruid werd eerst vooral aangetroffen of afvalhopen bij korenmolens. Het is oorspronkelijk een steppeplant uit Midden-Azië en Oost-Europa. Met graan sinds de 18e eeuw over West-Europa verspreid en ook in ons land ingeburgerd. Nu kun je hem bijna overal in ons land aantreffen.
Joost Kievit