Dauwnetel

Het is de mooiste van de soorten hennepnetels die ons land rijk is. Ze horen bij de familie van de lipbloemen. De bloemen van Dauwnetel zijn gemiddeld wat groter dan die van andere hennepnetelsoorten. Ze hebben een fraaie zwavelgele kleur met op de onderlip een paars honingmerk als scherp contrast. Dat honingmerk kun je zien als een soort landingsbaan die bezoekende insecten de weg wijst naar de nectar, waarbij ze dan tegelijkertijd stuifmeel meenemen naar de volgende bloem.
Dauwnetel is eenjarig en kwam vroeger veel voor in graan akkers. Tussen het graan kon hij wel tot anderhalve meter hoog opschieten. Nu vind je hem nog wel aan de randen van akkers. In maisakkers heeft hij geen kans. Hij groeit ook wel in bermen waar de grond omgewoeld is. Daar blijft hij laag. Op hele zware klei en puur zand ontbreekt hij meestal. In tuinen doet hij het prima.
Diverse insecten soorten gebruiken Dauwnetel als waardplant. Ze leggen hun eieren erop en de rupsen leven van de plant. Ook de mens maakte vroeger gebruik van Dauwnetel. De hele plant werd gedroogd en een eetlepel van het kruid op een kopje heet water leverde naar verluid een onschuldig urine afdrijvend middel.
Joost Kievit